Ariërs

001

Ariërs, een ras dat nooit bestond De benoeming tot Ārya, wat edel of meerwaardig betekent, en waarmee migranten, die rond 1000 à 500 vC, vanuit het middenoosten India binnendrongen, zichzelf omschreven, stamt uit het Sanskriet. Vermoedelijk was het oorspronkelijke ontwikkelingsgebied van deze Ariërs het binnenland van Eurazië. Hun sociale ont-wikkeling was van een dergelijk laag niveau, dat een ontwik-keling in gunstige gebieden uitgesloten moet worden, Sociaal goed ontwikkelde gemeenschappen konden zich voor de ontwikkeling der metallurgie en degelijke bewapening, door interne vrede en mankracht, moeiteloos in gunstigste gebieden van het vasteland handhaven. Ontwikkelingen zoals deze der Ariërs was, in gunstige leefge-bieden en de tropische of subtropische fauna en florarijke zones, uitgesloten. Ariërs of stammen van blanke volkeren uit het Europese bin-nenland, zullen in het middenoosten en India tussen de 4de en de 1ste eeuw voor Christus doordringen. Nadat deze volkeren vanuit Eurazië, eerst via Kaspische zee-kusten en de Kaukasus en Turkmenistan, in het middenoosten doordrongen, en in het gebied van Turkije, Irak en Iran, zich verder ontplooide, om vervolgens zich verder te verspreiden naar India enerzijds en Noord Afrika anderzijds, om daar de huidige blanke volkeren te vormen. Vooral meest zuidelijk wonende zullen onder druk van de noordelijke volkeren als eerste wijken en steeds verder wijkend Noord Afrika, door catastrofen nagenoeg ontvolkt, inpalmen. Deze migraties werden mogelijk nadat natuurcatastrofes deze gebieden frequent teisterde en ontvolkte. Verwoesting door een zondvloed werd opgetekend in Italië, Griekenland, Mesopotamië, doch ook in China, een lijn tussen de 30ste en de 45ste breedtegraad, van aan de Japanse eilan-den via de Kaspische zee en noord Iran, Irak en Turkije en de Middellandse zee, met een spoor van vernietiging van moge-lijk 1000 km breed. Het onverwoeste India zal oorspronkelijk, door collectieve mankracht, een behoorlijke weerstand geboden hebben. Na de ontwikkeling van staal en moderne wapens, zullen deze blanke volkeren uiteindelijk ook hier doordringen en zwarten naar het zuidelijk deel verdringen. De westerse ontwikkeling wordt tot heden vooral gedomi-neerd door volkeren die duidelijk herkenbaar zijn door hun instinctief individualisme, een verschijnsel dat ook de Gorilla, als enige primaat tekent. De westerling kent daarnaast een tweede groep die opvalt door hun maatschappelijke en extroverte natuur. Deze twee ontwikkelingen werden door de Duitse Psychiater Dr. Ernst Kretschmer als Introvert en Extrovert omschreven. De vroegere verspreidingen der Neanderthaler tot in west centraal Europa, zou dateren van rond 75.000 vC terwijl de moderne mens van Europa zich pas rond 45.000 vC via klein Azië en het Arabische schiereiland over het Europese conti-nent verspreide. Dit houdt in dat zogeheten Indo volkeren zich pas 45.000 jaar geleden zouden aangediend hebben en ver-mengingen van volkeren in centraal Europa en Eurazië dus van na 45.000 vC dateert, waardoor ook de aanloop naar de Arische ontwikkeling ontstond. De verspreiding vanuit het middenoosten, van de moderne mens, blijkt het individualisme en een individueel gericht in-stinct, als belangrijkste kenmerk te hebben. Het is dus deze verspreiding die mogelijk de bron der Indo ontwikkeling is. Indo volkeren die zich van af 45.000 jaar geleden, via het zui-den en vooral langst de kustgebieden van het zuidwesten van Europa verspreiden, zullen zich vermengen met anderen vol-keren die uit de gunstige tropen werden verstoten. Door de vermenging van volkeren in het westen, die vooral sociale degradaties vertegenwoordigen, van zowel Maat-schappelijke Negride, Individualisten als de niet nader te be-palen Neanderthaler, ontstaan onstabiele, onrustige en zwak-kere gemeenschappen, waarbij de sociaal zwakste uiteindelijk net hierdoor verdrongen, naar het ongunstige en barre Euro-pees binnenland en de Russische vlakte wijken. Het zijn deze volkeren die de basis vormen van de zogeheten Arische ontwikkeling. Dat een groot deel der individualisten of Indo volkeren zich oorspronkelijk ontwikkelde in de buffer tussen het gunstige subtropische gebied en het koude noorden, is te danken aan dit individualisme en daaraan verbonden moeilijkheid om tot maatschappelijke stabiliteit en eensgezindheid te komen. Het is duidelijk dat een deel der zogeheten Indo Europese bevolking van heden, een duidelijk spoor, net zoals de Negri-de volkeren, van een instinctieve maatschappelijke ontwikke-ling vertoont. De individualistische volkeren worden vertegenwoordigd door mensen die instinctief gebonden zijn aan een individuele be-nadering van zowel mens als dier. Hun ontwikkeling liet zijn oudste sporen nabij de Indus rivier in het huidige Pakistan. Van hieruit gaat het spoor van de bevolkingsuitbreiding over Klein Azië naar het noord Afrikaanse Middellandse zeegebied en de Nijldelta. Het is nochtans onvermijdelijk dat ook hun ontwikkeling in de Afrikaanse tropen tot ontwikkeling kwam. Vooral de westkust van Afrika vanaf Nigeria naar het noorden geeft ons een beeld van ontwikkelingen die voor de kolonisa-tie de westerse ontwikkelingen ver overtroffen, doch tevens vele overeenkomsten vertoonden. Vooral het Rijk der Ashanti kende een uitzonderlijk hoge ontwikkeling, doch ongelukkig voor hen was hun sociale ontwikkeling te hoog en de militaire ontwikkeling te laag om aan de agressie der kolonisten te ontsnappen. Mentale en sociale degradaties net zoals volksvermengingen zullen de rangen der Individualisten, door onmin en rivaliteit, verzwakken, waardoor de meest verzwakte gemeenschappen moeten wijken naar minder gunstige gebieden ten noorden van India. Bepaalde families die zich niet in het warme zuiden weten te handhaven, trekken hierop, van uit de noordelijke gebieden van India en Pakistan, naar het oosten, over Xinji-ang ten noordoosten van India, zo verder via de huidige Go-biwoestijn en het vroegere Mantsjoerije tot op de Japanse eilanden. Vermengingen die hier ontstaan, zullen model staan voor de eerste sporen der Hunnen, in de Chinese anale als Hioeng-noe omschreven. (300 vC) De volksverhuizing tot op de Japanse eilanden, die mogelijk veel ouder zijn, laat op haar route een spoor van volkeren die door vermenging een beeld geven van hogere agressie dan men van instinctief solitaire (Mongolide) volkeren mag ver-wachten. Xinjiang, Mongolië, Mantsjoerije en Japan, liepen in het verleden, met hun vrij kleine legers, het reusachtige, en massaal bevolkt China, onder de voet, en veroverde en on-derwierpen tijdelijk dit grote rijk. Andere families trekken naar het noordwesten via de Kaspi-sche zee, de zwarte zee, de noordelijke kusten der Middel-landse zee en de Donau tot in het hart van west Europa en vermengen zich in het huidige Europa met de gevestigde be-volking bestaande uit Neanderthalers, doch mogelijk ook nog andere gestrande degradaties uit Mongolië of zelfs uit Afrika of Indonesië. Een deel der zogenaamde Indonesische bevolking kende hun ontwikkeling in het zuiden van oost Azië en vermengde zich daar met ondermeer Mongolide in Vietnam, Cambodja, Malei-sië en Thailand. Deze pro Indonesische volkeren van Zuidoost Azië, zullen ook via vermengingen in Birma en Bangladesh doorsijpelen in noord India om zo in het binnenland van Eurazië terecht te komen en zich hier te vermengen, doch een duidelijk ontwik-kelingsspoor blijft in Europa afwezig, terwijl het dergelijke vermengingen zijn die hun bijdragen leverden aan de ontwik-keling der gevreesde Hunnen. De beste ontwikkelingen onder hen zullen zich weten te handhaven in een gebied tussen Europa en het Arabische schiereiland ten zuiden van de Zwarte en de Kaspische zee. De vermengingen van Indo volkeren met gedegradeerde zal in Europa de grondslag vormen van andere degradaties, als gevolg van de tegenstellingen tussen instinctieve basis en ontwikkelingen. Ook daar waar d ontwikkelingskloof te groot is om een overbrugging toe te laten, ontstaat een maatschap-pelijke handicap. Tegenstellingen die door de enorme kloof dus niet zonder-meer omvormbaar zijn. Het zijn deze tegenstellingen en hun onenigheden die de cen-traal westerse maatschappij en haar bevolking geleidelijk zul-len vervormen tot agressieve en oorlogszuchtige clans. Der-gelijke clans zullen op hun beurt moeten wijken naar het meer noordelijk deel, centrale en noordelijke binnenland en Russi-sche vlakte, en gaan de geschiedenis in als Ariërs en Germa-nen. Vermengingen van gedegradeerde ontwikkelingen leveren de belangrijkste bijdragen tot de maatschappelijke verzwakking en verdringing van volkeren naar het binnenland van Eurazië. Het zijn de zogeheten Arische volkeren, een mengelmoes van vooral sociale degradaties en degradaties door vermenging, van volkeren en rassen, die later in het door natuurcatastrofen ontvolkte middenoosten doordringen, en basis zijn van de Arabische en noord Afrikaanse blanke volkeren van nu. Opvallend hierbij is dat de vroegste technologische vooruit-gang in Europa en de aanvang der metallurgie eveneens uit dit zuidelijk centraal Europees binnenland blijken te komen. Ontwikkelingen die zeker werden gestimuleerd door behoefte en noodzaak. Men mag niet uit het oog verliezen dat gemeenschappen van hoogontwikkelde mensen, ook door minderheid te vormen, kunnen verdrongen worden naar minder gunstige gebieden, doch de kans hierop blijft gering. Dergelijke migratie van goed ontwikkelden naar ongunstige gebieden zal veelal een tijdelijk karakter krijgen, doch door vermenging een genetisch spoor met erfelijke kenmerken na-laten. (instinctieve ontwikkelingen van de moderne mens, zie: “Eenheid van vier” van dezelfde auteur) De hoge technologische ontwikkelingen der Ariërs toont ons dat, ondanks algemene sociaal verval en overwegend gemis aan sociale intelligentie bij een belangrijk aantal van hun le-den, de Ariërs desondanks een goede technologische intelli-gentie wisten te ontwikkelen. Het zwaard der Hettieten Het spoor der Hettieten tot in Turkije, die een verrassende culturele en technologische vooruitgang boekten, kwam uit het zuidelijk Europees binnenland. Deze Hettieten hadden omstreeks 2000 vC, in het huidige Turkije, een relatief modern rijk, en een gedegen kennis van het vervaardigen van ijzer en staal. Dergelijke ontwikkeling duidt op een degelijke technologische ontwikkeling gevoed door behoefte aan wa-pens en natuurlijke agressie. Deze kennis van ijzer en staal, zou via de aangrenzende zwarte zee het Donaubekken, in west Europa doordringen, en instaan voor de eerste stalen slagzwaarden, en vroege militai-re ontwikkelingen der Indo Europeanen. De sporen van de ontwikkeling van staal en de eindeloze wa-penwedloop vinden we terug in de Britse sage van het ono-verwinnelijke zwaard “Excalibur” doch ook in de oud Ger-maanse sage van “Siegfried” de drakendoder, die dank zij “Wieland” de smid, en zijn kennis om ijzer tot staal te smeden, een uitzonderlijk zwaard bekomt. Door het gebruik van dit zwaard, weet: “Siegfried” de draak te doden. Opvallen is het feit dat dergelijke sage, en de strijd om macht, alleen weerspiegeld wordt bij Indovolkeren en meer precies bij blanke Indovolkeren. Het Germaanse verhaal van de schat der Nibelungen toont ook weer het belang dat de Ariër zich hecht aan het materiele, de rijkdom en de macht. Belang aan macht en rijkdom staan centraal, en gaan abso-luut voor op menselijke relaties, waardoor ook eigen verwan-ten meedogenloos geviseerd en uitgebuit worden. Vooral westerse volkeren profileren zich als uitzonderlijk ma-terialistisch, veelal zonder veel respect voor medemens of natuur, een eigenheid die naar het binnenland van Europa meer gestalte aanneemt dan langst de kusten. De ontdekkingen op het terrein der metallurgie en het stalen zwaard, zullen hen vooruitgang leveren, en het startschot zijn voor strooptochten en de nimmer eindigende wapenwedloop. Tekenend voor deze volkeren is hun hoog ontwikkeld indivi-dualisme, veelal los van elke sociale ontwikkeling en hierdoor vooral ego gericht, gepaard gaande met hun hoge natuurlijke agressiviteit. Egocentrisch individualisme en verdeeldheid in eigen rangen deed het eerstgeboorterecht ontstaan, waardoor macht en geld gebundeld werden, bij de uitverkoren (oudste) zoon en naam drager. Hierdoor was men zeker dat het nageslacht de naam, roem en macht van de familie zou verder zetten. De leefomstandigheden, in het binnenland van Europa, waren uitzonderlijk bar, waardoor de overlevingskansen vaak uiterst gering waren. Slechts de fysiek sterkste en meest asociale behielden daarbij vaak de beste kansen, wat een natuurlijke selectie in die zin teweeg bracht. In het middenoosten drongen ze, in hun vlucht uit het barre Eurazië binnen, nadat de stalen zwaarden hen een militair overwicht boden, en nadat het middenoosten, door natuurge-weld ontvolk en verwoest, binnen handbereik kwam. In India verhieven zich tot de hogere rang der Ariërs. Terwijl deze Ari-ers zich aan de top plaatste en de bevolking, volgens afkomst in kasten indeelden. In Sri Lanka vormen zij tot vandaag, als etnische Singalezen, een kleine agressieve bovenlaag. In het middenoosten bevechten hun clans elkaar tot op he-den, en de Bijbel dient aan te tonen dat God een van deze clans uitverkoren had. Ariërs volkeren, beter gekend als Germanen, zullen tussen de aanvang van onze jaartelling en 500 nC via Romeinen en Hunnen ook doorstoten tot in west Europa, en er de Adel vormen en het westen onder hen verdelen. Gedegradeerde gemeenschappen der Indovolkeren zullen, minder vermengd, hun heil in zuid Europa zoeken, en zich verder langst de kust, in het gunstige, west Europa versprei-den, om als Kelten de geschiedenis in te gaan. Kelten die ondanks alles een duidelijk spoor van verwant-schap vertonen met de Germaanse en Arische volkeren van achter de Rijn en het binnenland van Eurazië. Grote individualistische gemeenschappen, die niet door ver-menging verzwakt werden, zullen zich in het subtropische India, middenoosten en noord Afrika weten te handhaven, en vormen de zwarte Indiërs en zwarte Indovolkeren in Arabië en noord Afrika. Na de catastrofen die het middenoosten ontvolkten zullen de zwarte Indovolkeren uit het gebied, door opdringende Arische volkeren verdrongen, zich als Hamieten, omwille van hun taalverwantschap omschreven, achter de woestijn, in noodcentraal Afrika handhaven. De Ariër als ras aanduiden is ver van de werkelijkheid, doch algemeen kan men stellen, dat een belangrijk deel der bin-nenlandbevolking van Europa, quasi algemene en mentale ontwikkeling, ongeacht hun taalgebruik, veel gemeen hebben. Deze volkeren vallen op door hun gemis aan collectief hoge maatschappelijke ontwikkeling, hun extreme gehechtheid aan glitter, luxe, macht en buitensporige agressie. Het zijn trouwens deze volkeren die de wortels van alle grote moderne westerse godsdiensten leverden. Het jodendom, de islam en het christendom, net zoals de Hindoe godsdiensten ontsproten bij Arische volkeren. De islam kende al tijdens het leven van de profeet en stichter van deze religie, een snelgroeiend resultaat. Geweld, dat van nature sterk ontwikkeld is door het individua-lisme en slechts overheersend aanwezig bij Indo volkeren, werd door hem aanvaard en aangemoedigd ter verdediging, en wel-degelijk uitsluitend ter verdediging, wat trouwens beantwoordt aan de natuurlijke drang tot overleven. Zijn filosofie die lijnrecht tegenover deze van Christus staat, heeft tot gevolg dat ook hun volgelingen zich vaak als onverzoenlijk gedragen. Ook de ontstane ontwikkelingskloof van de Arabische en Noord Afrikaanse bevolking ten overstaan van de west Europese be-volking, die ruim 50.000 jaar overschrijd, belet elke evolutie tot toenadering en integratie van Islamieten in het westen. Opvallend is de grote gehechtheid aan het ceremoniële en de bijhorende luister die zich uit in kleding, kledingsornamenten en juwelen, vooral herkenbaar in godsdienstige ceremonies van zowel het Jodendom, christendom als het Hindoeïsme. Ook de huidige Christelijke Orthodoxe kerk geeft ons hier een duidelijk beeld van weer. Verhalen waaruit het belang van hun individualisme en hun strikt persoonlijke waardering tot uiting komen, en de waarden die hieraan gehecht wordt, vertellen ons veelvuldig over hun machtige Goden, grootse Koningen en keizers, helden, dra-kendoders, en hun onoverwinnelijke wapens. Deze verhalen vindt men uitsluitend daar waar volkeren, afkomstig uit het Europese binnenland zich vermengd hebben of leven. Ook de bijbel dient hiertoe gerekend te worden. Personencultus en het streven naar onsterfelijkheid of het vereeuwigen van roem tekent deze volkeren. Ook het bestaan van erfrecht en rechten van eerstgeborenen, waardoor macht en rijkdom gebundeld worden, en het belang dat hieraan gehecht wordt, zijn slecht bij hen en hun nazaten terug te vinden. Vooral binnenland bevolking van Europa en hun nazaten in het Midden-Oosten verbazen ons tot op heden, met hun enorme personencultus, machtshonger en agressie. Deze binnenlandvolkeren vormden eveneens de westerse adel en zijn de voornaamste bron van het kapitalisme. Ariërs en Germanen overtroffen hiermee andere blanke volkeren en ontwikkelingen, zoals onder anderen deze der Keltische volkeren van west Europa, terwijl bij de Kelten er ook duidelijke sporen van hun personencultus en individuele onderscheiding te vinden wa-ren, en kastenindeling der bevolking bestond. De Bijbel is merkwaardig genoeg een boek dat, bij grondige ontleding der teksten, die ruim 3000 jaar geleden geschreven zijn, ook geschreven werd naar de normen der Ariërs en hun ontwikkeling. De Bijbel kan daardoor beschouwd worden als een handvest der Arische volkeren. Opmerkelijk is de algemene veronderstelling dat de tuin van eden in Mesopotamië (het huidige Irak) zou gelegen hebben. Bij nader inzien zou dit kunnen kloppen. Indien we de bijbel volgen zouden de stamouders der westerlingen zich na een ongewoon en egogerichte asociaal gedrag, verdreven zijn uit het paradijs. Het nemen der vruchten die hen niet toebehoren, symbool van een extreem individualisme en asociaal gedrag. Verdreven uit de tropische paradijselijke gebieden, zou dus betekenen dat onze westerse voorouders naar het koudere noorden dienden te wijken. De westerse of Indo ontwikkeling liet haar oudste sporen in de Indische regio na, nabij de Indusrivier die dwars door Pakistan naar de Arabische zee loopt, en er niet ver van de Perzische golf, ter hoogte van de kreeftskeerkring in terecht komt. De Indo ontwikkeling ontstond waarschijnlijk in deze regio, het middenoosten of noord Afrika. De oudste erkende sporen der Indovolkeren dateren van 2500 vC. De mentale ontwikkeling tot instinctieve individualisten zal uiteraard ouder zijn. Een individualisme dat trouwens, vooral in oertijden, hun ver-spreiding zal bemoeilijkt of verhinderd hebben. In Mali in het Dogon gebied zijn sporen en overleveringen die wijzen op een voormalige bevolking die zich in rotsvestingen in veiligheid zou gebracht hebben, wat wijst op mogelijke sporen van een agressieve ontwikkeling. Bepaalde overleveringen gewagen hier van een bevolking met rode haren, die er mogelijk voor de Tellem zouden geleefd hebben, doch deze verhalen zijn relatief vaag. Terwijl mogelijke negatieve mutaties van huidpigmenten, als oorzaak voor mensen om zich van de evenaar te verwijderen, en minder zonrijke gebieden op te zoeken, onwaarschijnlijk zijn, gezien de mens zich, generatie na generatie, aan het klimaat aanpast. Ook mensen zonder huidpigmenten kunnen zich in tropische en vooral bosrijke gebieden handhaven en overleven. Dat asociale gedrag in de oudheid een rede, voor stabiele gemeenschappen was, om personen of families uit et sluiten, mag men met zekerheid aannemen. Dat meer ego gerichte ontwikkelingen der Individualistische Indovolkeren hierbij naar het noorden werden verdrongen, is bijna zeker en aannemelijk. Dergelijke feiten blijven aanwezig in het collectieve geheugen aanwezig, en mogelijk als sage of overleveringen verder leven. Ook de blijvende hoop om terug te keren naar het paradijselijke land, of zeg maar, het beloof-de land, is dus begrijpelijk. Asociale gemeenschappen werden en worden steeds door de collectieve macht der eensgezinde gemeenschappen, naar minder gunstige gebieden verdrongen. Deze volkeren zullen zich in het binnenland van Eurazië, uit overlevingsdrang en dwingende nood, tot agressievelingen ontpoppen, die hun persoonlijkheden vooral gestalte geven door uiterlijk vertoon, pracht, praal via het verwerven van macht en aanzien. Hun weg ter overleving ging vooral via ge-weld en plundering. Agressieve volkeren die eventueel slechts hun verwanten er-kennen, en zich gewapenderhand, overal als heerser opdrin-gen, soortgenoten tot hun slaven, ondergeschikten of horigen maken, dus ver weg van elke sociale omgang met anderen dan eigen volk en verwanten, terwijl ook deze aan hun hiërar-chie onderworpen worden. Het is bij hen dat men de eerstgeborenen een exclusief recht toekent, en deze eerstgeborenen vaak als vorst of koning aanwees, wat erfrechtelijk wordt overgedragen. Hun gehechtheid aan het stoffelijke, de pracht en praal, blij-ken nochtans zo groot, dat hun voorstellingen van God, een God weergeeft, die eveneens een uitzonderlijke belangstelling gaat tonen voor het slijk der aarde, en hoge eisen gaat stellen op het vlak van pracht en praal. (Zie Exodus) Godsdienstige ontwikkelingen zoals hindoeïsme, jodendom en christendom weerspiegelt, door hun pracht en praal, niet zelden hun ver-ankering aan Arische volkeren en hun buitensporig materia-lisme. De oude goden van Mesopotamië (Irak) en hun mythologie, vertonen overeenkomsten met elementen uit de Bijbel, net zoals ze vergelijk met de Arische ontwikkeling doorstaan. Het is de geest der Ariër die door vermenging de totale wes-terse wereld tekent, door, volgens eigen zeggen, gerechte dominantie, plundering en geweld tegen individuen en volke-ren. Een ontwikkeling die zich in historische tijden uiteindelijk via technologische ontwikkelingen en bewapening, over de westerse wereld verspreid heeft, en zich niet meer beperkt tot Ariërs of volkeren die zich ontwikkelde in het binnenland van Europa, zoals Joden, Adel en Ariërs in India, e.d. “Psychopathische geldgier”. Psychopaat, hiermee bedoelt men de persoon die een onbeheerste drang tot gevaarlijk asociaal gedrag heeft. Psychopathie is een erfelijke factor en een direct gevolg van sociale degradatie en gebrek aan inzicht, en hierdoor dus ook ongeneeslijk. De psychopaat die niet aan zijn onnatuurlijke en asociale neiging kan voldoen zal vaak zijn zin en lusten ge-welddadig invullen, en allicht tot moord instaat zijn. Het is opvallend dat vooral in het binnenland van Eu-razië men geconfronteerd wordt met veelvuldige sociale de-gradaties en Psychopathieën. Zowel in het oostelijke en Azia-tisch deel als in het westelijke Europees deel van het binnen-land loop de criminaliteit naar het noorden toe enorm op. Vooral seksuele delinquentie kent hier uitzonderlijke hoogten. Psychopathische ontwikkelingen komen vooral in dit deel van de wereld veelvuldig voor, terwijl dit in tropische gebieden op het continentale vasteland nauwelijks of niet gekend is. De Arische geest: Het is de Arische geest, die, door vermenging, overal in de westerse wereld, een agressief en materialistisch spoor na-laat, met mensen die ten koste van alles en iedereen, zich schaamteloos verrijken, en zelfs naaste verwanten, als eigen ouders of kinderen niet ontzien. Ariërs die tot op heden, als geestenzieken, met het bloed van verwanten en medemensen, roem en geschiedenis schreven en nog schrijven en hun rijkdom met dat zelfde bloed opbouwen. Grenzenloze geld-gier, een uiterst gevaarlijk psychopathisch verschijnsel, een vorm van Psychopathie die men als Arische ziekte kan om-schrijven. Het vroegere idee dat Psychopathie ontstaat door vooral de verwaarlozing in de jeugd, is niet terecht. Het ver-schijnsel van gebrek aan normbesef is een direct gevolg van een tekort aan inzicht, vooral merkbaar in bepaalde kringen en dus aan erfelijke factoren gebonden, en komt en kwam veelvuldig bij Arische volkeren voor. Ook in de Bijbel worden we veelvuldig met Psychopathie geconfronteerd, met vooral de uitzinnige en ziekelijke geldgier die weerspiegeld wordt in het eerstgeboorterecht en het gedrag van ondermeer, aartsvader Jacob, Ook de alom aanwezige homoseksualiteit in Sodom, en de incestueuze relatie van Lot met zijn dochters, of het verbod op zoöfilie of seksuele omgang met dieren in Exodus 22 enz. Het zijn allemaal onnatuurlijke en Psychopathische gedragsontwikkelingen die slechts in de westerse wereld al-om aanwezig zijn, doch onder de meeste volkeren nooit be-stonden en zelfs ondenkbaar zijn.

Advertisements

One Response to “Ariërs”

  1. Indo-volkeren en hun ontwikkeling, de grootste oorzaken van catastrofen. | Kipdrego's Blog Says:

    […] Europese-adel en het Judaïsme zijn hiervan de extreme voorbeelden, terwijl het in beide gevallen om volkeren gaat die oorspronkelijk naar het centraal en zuidelijk deel van het Europese binnenland werden verdreven, en vanwaaruit naar het Midden-Oosten en Noord-Afrika uitweken. Zie ook: Ariërs. https://kipdrego.wordpress.com/2012/03/11/ariers-2/ […]

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s


%d bloggers like this: